Tag archieven: arbeidsrecht

Opnieuw ziek: no-risk, loon en/of WIA?

Vandaag had ik twee soortgelijke gesprekken met werkgevers. Ze zitten met de handen in het haar. Hun werknemer is wéér ziek, nadat er al twee ziektejaren zijn geweest en de re-integratie juist (deels) was geslaagd.

Omdat de gesprekken van vandaag niet op zichzelf staan, vond ik het tijd voor een blog over dit onderwerp.

Eerste vragen

De eerste vragen die de werkgever meestal heeft zijn o.a.:

– Moet ik het loon nu wel of niet doorbetalen?
– Heb ik nog re-integratieverplichtingen?
– Krijgt de werknemer nu een Ziektewetuitkering?
– Er is sprake van een andere ziekteoorzaak, hoe zit dat precies?
– Mag ik een vso overeenkomen met de werknemer?

Kennis

Wat me opvalt in veel gesprekken is dat er altijd wel ‘iets’ van kennis is. Zoals dat er een periode van 5 jaar geldt voor de no-risk. Of dat een andere ziekteoorzaak een rol kan spelen. Dat er nieuw bedongen arbeid is (dus een opzegverbod). Of dat de bedrijfsarts gewoon zijn werk moet blijven doen.

Brij van regels met foute conclusies

Het blijft echter heel lastig voor veel werkgevers (en zelfs sommige casemanagers) om de regels rondom loondoorbetaling, WIA en no-risk uit elkaar te houden. Ze worden heel makkelijk door elkaar gehusseld!

Dan krijg je bijvoorbeeld (soms heel erg foute!!) uitspraken als:

– “De WIA vragen we pas aan na 89 weken” (terwijl er sprake is van dezelfde ziekteoorzaak…)
– “Nee, Ziektewet krijg ik niet, want er is sprake van een andere ziekteoorzaak”
– “Ik ben toch echt wel bang voor een loonsanctie” of
– “No-risk is niet aan de orde want de werknemer is al langer dan 5 jaar in dienst”
   (terwijl er na de eerste periode van twee jaar ziekte een WIA-uitkering is toegekend…)
– “Omdat er een Ziektewetuitkering is, hoef ik het loon niet door te betalen” (dit vind ik de ergste…)

Grondige analyse

Bij hernieuwde uitval van je werknemer dien je de omstandigheden grondig te fileren. Alleen dan kun je tot een juist advies komen. Hiervoor hoef je ‘slechts’ drie antwoorden te vinden:

1. Is er een loondoorbetalingsverplichting?
2. Wat gebeurt er met de WIA-uitkering? Direct ingaan, ophogen of toch 104 weken wachten?
3. Is er recht op een Ziektewetuitkering?

Pas als je het zuivere antwoord hebt op deze drie afzonderlijke vragen, kun je ze ‘aan elkaar knopen’. Dan weet je waar je aan toe bent. En welke actie je (vooral niet) moet nemen.

Heb jij ook zo’n bijzondere casus?

Bel me gerust om de situatie van jouw zieke werknemer voor te leggen. Vaak kan ik je binnen een kwartier al op het juiste spoor zetten. En dat eerste gesprek kost je uiteraard niets.

Bel 06-22243929
Mail naar m.kuhne@wijzerinverzuim.nl
Of check onze contactpagina

<35 en no-risk bij in dienst houden

Een polleke op LinkedIn van mijn zeer gewaardeerde collega Paul Lammerts heeft tot deze bijdrage geleid. Hoe zit het nu precies als je een 35-minner in dienst houdt?

#Polleke! No(g) Risk?! Een werkgever houdt een 35minner in dienst. Duidelijk geen no-riskpolis. Wat nu als deze 35minner als gevolg van ‘dezelfde klachten’ later alsnog, laten we zeggen 6 maanden na einde wachttijd, in de WGA-beland, en de werkgever dán bij UWV aanklopt voor een Ziektewetcompensatie op grond van art. 29b, lid 4* (‘voortzetten dienstverband WGA’er’), van de Ziektewet voor zijn (eventuele) loondoorbetalingsplicht ?

* 29b, lid Lid 4 ZW: “De werknemer die recht heeft op een uitkering op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen en ten aanzien van wie een dienstbetrekking, bedoeld in artikel 3, 4 of 5, bij diens werkgever wordt voortgezet nadat dat recht is vastgesteld, heeft vanaf de eerste dag van zijn ongeschiktheid tot werken recht op ziekengeld over perioden van ongeschiktheid tot werken wegens ziekte die zijn aangevangen in de vijf jaren na vaststelling van het recht op uitkering.”.

Valt deze WGA’er wel of niet onder dekking van de no-riskpolis ex 29b lid 4 ZW?
De antwoorden tot 17-03-2021 13:50 uur:
JA – 30%
NEE – 60%
ONDUIDELIJK – 10%

Ik stemde oorspronkelijk op nee. Echter er schoot mij iets te binnen waardoor het toch een ja zou kunnen zijn, dus ik reageerde:

Mag ik switchen naar ja? Maar dan wel voor de gevallen die OPNIEUW uitvallen ná vaststelling van de WIA. Dus niet direct bij toepassing art. 55 dus, omdat dan de ziekte niet optreedt ná vaststelling van het WIA-recht

En ja, als Paul mij dan uitdaagt om dit nader uit te werken/toe te lichten, neem ik de uitdaging aan. Daar is onderstaand schema uit naar voren gekomen (klik op het plaatje voor een Pdf):

Nou Paul, bij 12 liep ik vast, wil jij je licht daar eens op laten schijnen? Overigens neig ik naar ‘recht op no-risk (Ziektewet) is onzin’. En uiteraard is je (ieders) commentaar op de overige onderdelen ook van harte welkom!

Voor de volledigheid plaats ik de volgende kanttekeningen bij bovengenoemd schema:

Ik ben in de veronderstelling dat in de wet bedoeld wordt met ‘nadat het recht (op WIA) is vastgesteld’ bedoeld wordt de ingangsdatum van de WIA-uitkering en niet de beslisdatum van UWV
Als er een andere ziekteoorzaak verschijnt, kan bovenstaand schema in de soep lopen
Wanneer de WIA-uitkering een IVA-uitkering is, gelden andere regels
De tijd tussen de verschillende gebeurtenissen kan zeker nog een rol spelen

Heb je vragen of ‘commentaar’?

Schrijf een reactie onder dit bericht, of bel/mail mij:

Bel 06-22243929
Mail naar m.kuhne@wijzerinverzuim.nl
Of check onze contactpagina
loondoorbetaling in het tweede ziektejaar

Loondoorbetaling in het tweede ziektejaar

Soms vliegt een werkgever uit de bocht als het gaat om de begeleiding van zieke werknemers. Laatst kwam ik een uitspraak van de Rechtbank Limburg tegen waaruit bleek dat de aangeklaagde werkgever het wel erg bont heeft gemaakt. Leest u mee?

Het betreft hier een uitspraak van de Rechtbank inzake loonvordering in kort geding. Vanaf het tweede jaar ziekte is volgens overeenkomst 70% loon verschuldigd, maar is per abuis drie maanden 100% doorbetaald. Dat in bodemprocedure geoordeeld zal worden dat bij werkneemster het gerechtvaardigde vertrouwen is gewekt dat werkgever het gehele tweede ziektejaar 100% zal blijven doorbetalen, is onvoldoende aannemelijk om daar in kort geding op vooruit te lopen.

De volledige uitspraak vindt u hier: ECLI:NL:RBLIM:2018:8834